Meng de kipblokjes met het paprikapoeder, de Italiaanse kruiden, het komijnpoeder, 1 eetlepel olijfolie, peper en zout. Laat de kip ongeveer 10 minuten marineren.
Breng een pan met ruim water en het groentebouillonblokje aan de kook. Kook de orzo volgens de aanwijzingen op de verpakking beetgaar. Bewaar 100 ml van het kookvocht en giet de orzo af.
Verhit 1 eetlepel olijfolie in een grote hapjespan. Bak de kipblokjes op middelhoog tot hoog vuur in ongeveer 5–6 minuten goudbruin en gaar. Schep de kip uit de pan en zet apart.
Bak in dezelfde pan de sjalotjes ongeveer 2 minuten tot ze zacht en glazig zijn. Voeg de knoflook toe en bak 1 minuut mee.
Voeg de zongedroogde tomaten toe en bak deze ongeveer 1 minuut mee.
Voeg de gekookte orzo en 75 ml van het bewaarde kookvocht toe. Roer goed door en laat het geheel 1–2 minuten zachtjes verwarmen. Voeg indien nodig de overige 25 ml kookvocht toe voor een smeuïger resultaat.
Voeg de spinazie in delen toe en schep deze door de orzo tot de spinazie is geslonken.
Voeg de gebakken kip weer toe en roer de Parmezaanse kaas erdoor. Breng op smaak met citroensap, chilivlokken en eventueel extra peper en zout.
Verwarm nog ongeveer 1 minuut op laag vuur, zodat de kaas mooi smelt en de orzo romig wordt. Serveer direct.
Eet smakelijk!